Een open mind is wat ik ze gun, elke dag

Deze week heeft Rianne, mijn duo leerkracht, in de klas verteld over een ‘open mind’ en ’fixed mind‘. 

We werken samen in een groep 4/5. 

Rianne bespreekt met de kinderen hoe je kunt reageren wanneer iets niet lukt.

Je kunt dan denken ’dan kan ik het niet’. Je zou ook kunnen denken ‘dan gaat het me NOOIT lukken.’ Er is dan niet veel ruimte meer in je hoofd.

Of je denkt ’dan lukt het me NOG niet‘. 

Of:  ’dan bedenk ik wat ik kan doen’.

De kinderen begrijpen, voelen het verschil. De kinderen kunnen het ook koppelen aan de termen  ’open mind’ en ’fixed mind’. 

Ook op deze leeftijd. 

Op maandag na school praat ik erover met Rianne.

Tegelijkertijd ben ik bezig met de voorbereiding van het respect project in januari.

Positief denken staat daarin centraal.

Tijdens mijn zoektocht kom ik het lied 'Mooi' van Marco Borsato tegen.

Ik zoek thuis de akkoorden op en probeer het te spelen.

Dit lied sluit heel mooi aan bij het gesprek wat Rianne met de kinderen had op vrijdag.

Ik besluit niet te wachten en breng het lied nu al in.

We moeten het ijzer smeden als het heet is. 

Bij elke zin van het lied ’Mooi’ kunnen de kinderen feilloos aangeven of het een ’fixed mind’ is of een ’open mind’.

Het raakt Rianne en mij dat dit zo mooi samenvalt.

Haar verhaal en mijn lied. 
Regelmatig zing ik het lied in de kring. 

‘Zie je dan de zon, of zoek je achter alles naar de schaduw op de grond‘.

De kinderen zingen mee in de kring.

Zij die willen mogen het in januari met mij meezingen tijdens de jaaropening.

Ook gedurende de dag kan ik het meteen inzetten.

Wanneer ik het over ’open mind‘ heb open ik mijn armen.

Bij ’fixed mind’ sluit ik mijn armen gekruist voor mijn borst.

Tijdens het werken heeft één van de kinderen even de bokkenpruik op.

Ik laat het even gaan. Het mag er zijn. Na een tijdje loop ik naar het kind.

Er is ruimte voor gesprek.

Wanneer ik zijn gedrag koppel aan het lied en de twee woorden geeft de jongen haarfijn aan dat hij even op slot zat.

‘Fixed, dat is niet handig’, zegt hij.

Zijn ogen stralen weer.

En hij gaat weer aan de slag. 

 

‘Hoe oooee mooi kan het leven zijn. 

Het is maar hoe je kijkt, het is maar wat je droomt. 

Hoe oooee mooi is jouw werkelijkheid, jij bent net zo rijk. 

Zo rijk als je je voelt.’ 

 

Wanneer ik dit de kinderen mee kan geven in het komende jaar ben ik heel tevreden. 

Wanneer ik kinderen kan laten denken in kansen en mogelijkheden ligt er een rijk leven voor hun in het verschiet. 

En dat is wat ik ze wens. 

Voor vandaag, morgen en hun verdere leventje. 

 

Sjaak van Moorsel, team Uilenspiegel